Hoe bespaar ik op verlichting?

Acht praktische tips om licht te besparen
Je hoeft niet meteen al je lampen te vervangen om je verlichting duurzamer te maken. Met kleine gedrags- en techniekveranderingen kun je ook besparen. Deze tips kunnen je een besparing tot 30% opleveren.
 
door: redactie - Lenneke Arts - 25 jan 2012
  1. Doe het licht vaker uit

Het aan en uit doen van een lichtbron, kost geen energie. Het laten branden van een lamp, doet dat wél. Probeer je daar wat bewuster van te zijn en doe het licht uit als je een vergaderruimte, magazijn of toilet verlaat en attendeer je werknemers hier ook op. Overigens is kunstlicht op de werkvloer sowieso niet iedere dag nodig. Op een zonnige dag heb je soms ook genoeg aan daglicht en kun je de lampen uitdoen.

 

2.     Benoem een energiecoördinator

Om je werknemers zuinig met licht om te laten springen, is het slim om een energiecoördinator aan te wijzen. Hij of zij kan opletten of er niet onnodig licht brandt. Ga eens in de zoveel tijd met hem of haar om de tafel zitten: Welke maatregelen zouden licht kunnen besparen? Vraag hem of haar ook om collega’s regelmatig te wijzen op het belang van energiezuinig met licht omgaan.

 

3.     Maak een afsluitprocedure

Zorg dat voor iedereen duidelijk is wie wanneer als laatste het licht uitdoet. De ene keer is het iemand van de schoonmaak, de andere keer ben je het zelf en een dag later is het een van je werknemers die nog iets wil afmaken.  

 

4.     Plaats bewegingssensors

In sommige ruimtes is niet constant licht nodig. Het vergaderhok, je kantoor, het toilet: de meeste van deze ruimtes worden niet de hele dag gebruikt. Als iedereen steevast het licht uitdoet bij het verlaten van de ruimte, is het prima. Echter, als jij en je werknemers dit vaak vergeten, kun je overwegen om bewegingssensors te plaatsen. Dit kost zo’n 50 tot 60 euro. Aan één sensor kun je meerdere armaturen schakelen. De gemiddelde terugverdientijd is 1 tot 3 jaar.

 

5.     Verlichting op groepen

Zet verlichting in plaats van op één groep, op meerdere groepen. Soms zijn maar een paar van je werknemers aanwezig, waardoor het niet nodig is om de héle ruimte van licht te voorzien en je dus maar één groep hoeft in te schakelen.

 

6.     Verlichtingsniveau

Draai minder sterke peertjes in. Soms is dat hoge wattage helemaal niet nodig en kun je prima voor meer energiezuinige lampjes kiezen.

 

7.     Vervang lampen op tijd

Hoe langer je dezelfde lampen hebt, hoe minder licht ze gaan geven en hoe groter het risico dat ze kapot gaan. Kies daarom voor ‘groepsremplace’, waarbij je alle lampen ruim voor het einde van de aangegeven levensduur vervangt. Dit zorgt voor meer licht en verkleint de kans dat je lampen kapot gaan.

 

8.     Maak armaturen schoon

Armaturen, lampen en lichtsensoren worden vuil. Viezigheid zorgt ervoor dat een deel van het rendement verloren gaat. Dit is makkelijk op te lossen door minstens een keer per jaar de armaturen, lampen en sensoren schoon te (laten) maken. Schone verlichting geeft meer licht en gaat langer mee.


Doe nu de verlichtingsscan en kijk hoe jij kunt besparen op je verlichtingskosten!

 

Meer dan 4000 praktische
antwoorden op ondernemersvragen

 
Laatste wijziging
25 jan 2012
 

Reageer op dit artikel

Deel je mening met andere ondernemers.
 
Jacques Kemp
Goed dat je MKB bewust maakt over de 50% energiebesparing op TL, door van t8 naar t5 te gaan; plus langere levensduur. Velen willen niet de armaturen vervangen en gaan dus door met de dure t8. Met een slimme adaptar+vsa kan men toch overstappen zonder vervanging van armatuur/plafond.
Gepost op dinsdag 10 april 2012
 
 
 
Je naam
E-mailadres
Mijn mening