Hoe gaat het met de OHMF-winnaars 2014?

Wat hebben ze aan het traject gehad?

01 december 2017

Als je van plan bent om in het buitenland te gaan ondernemen, is er een aantal zaken waar je aan moet denken. De winnaars van het Oranje Handelsmissiefonds (OHMF) 2014 vertellen over hun ervaring en geven tips.

Het Oranje Handelsmissiefonds is een initiatief van KLM, ING, MKB-Nederland, RVO en het Ministerie van Buitenlandse Zaken. Het handelsmissiefonds werd in 2013 in het leven geroepen om ondernemers te helpen bij zakendoen over de grens. De winnaars krijgen een jaar lang begeleiding van experts en mogen op handelsmissie naar een land naar keuze.

Nog geen meetbare invloed

Ondernemer Anton Filippo van logistiek bedrijf LBP wilde de stap naar Colombia maken. “Vanuit twintig verschillende landen ontvangen wij groenten en exotisch fruit voor Nederlandse kopers. Het is onze taak om te checken of alles in goede staat is, want tijdens verre reizen kan het bijvoorbeeld gaan rotten. Dankzij OHMF hebben we veel publiciteit gekregen, het opende deuren voor ons. Maar het heeft nog geen meetbare invloed gehad. Mijn tip voor ondernemers die de grens over willen: zorg dat je een stabiele basis hebt voor je de grens over gaat. Maak, via de ambassade of het consulaat, een afspraak met de juiste personen en heb geduld. Zorg ook dat je altijd goed doorvraagt bij buitenlandse partners. Geloof niet alles dat je hoort, vooral in Zuid-Amerika.”

De markt verkennen

“Wij zijn gewezen op het OHMF door een oud-winnaar”, vertelt ondernemer Steven Goetstouwers. Hij runt het bedrijf Admesy, dat zich richt op het meten van licht en kleur op mobiele apparaten en wil daarmee graag de markt in Amerika veroveren. “We zijn op handelsmissie geweest om de markt te verkennen. Nu gaan we beslissen hoe we actie willen ondernemen. Het OHMF zorgde ervoor dat we sneller bij de juiste mensen terechtkwamen.” Steven heeft tijdens zijn ervaring in het buitenland ook wat geleerd over internationaal zakendoen. “Lees eens een boek over cultuurschillen, dat is heel belangrijk. Zo kun je over meer dingen praten dan zaken. Op die manier bouw je een goede relatie op die dieper gaat dan alleen zakendoen. Verwacht niet te snel resultaten. Vaak kost het veel tijd voor je omzet gaat maken, dus wees financieel krachtig genoeg op dat op te kunnen vangen.”

Versneld proces

Mark Fikkers van Havatec heeft zijn zinnen gezet op Azië, specifiek op Japan. “We maken machines voor snijbloemen, en Japanners zijn gek op bloemen. We hebben gemiddeld drie jaar de tijd nodig om zaken te gaan doen met een buitenlandse partner. Voor Japan hadden we bedacht dat het wel zes jaar kon duren, omdat het land zo’n andere cultuur heeft. Maar door de begeleiding van het OHMF duurt het denk ik maar drie jaar. We konden meteen de directeur van een bedrijf ontmoeten waar we zaken mee willen doen. Dat hadden we zelf niet kunnen regelen.” Zijn tip: “Goede voorbereiding is 80 procent van het werk. Luister goed naar de wens van je partner en pas je product of dienst hierop aan.”

Matchmaking is cruciaal

Marco de Koster van verpakkingsbedrijf Tramper heeft tijdens het traject geleerd dat matchmaking cruciaal is om succesvol te zijn. Hij richt zich vooral op Noord-Amerika. “Wij hebben destijds te weinig in research en matchmaking geïnvesteerd, dat is een valkuil. Je moet je heel goed voorbereiden voor je een bedrijf benadert. Leef je in en kies een bedrijf uit waarvoor jouw producten ook echt interessant zijn. Anders strand het.”

Conclusie  

Mocht je overwegen om buiten de Nederlandse grenzen te gaan kijken, bedenk je dan dat je eerst een stabiele basis nodig hebt met je bedrijf. Het kost tijd om deals te sluiten in het buitenland, dus zorg ervoor dat je genoeg geld achter de hand hebt om dit op te vangen. Verdiep je ook in de cultuur van je potentiële zakenpartner, zodat je een langdurige relatie kunt opbouwen.

Auteur

Romy Donk