Spelregels 'bijklussende’ overheid nu echt snel nodig

Onduidelijkheid over overheid als marktpartij

15 december 2009

Staatssecretaris Bijleveld van Binnenlandse Zaken heeft vlak voor het zomerreces aangekondigd dat met ingang van 1 juni 2009 de pasfoto voor het paspoort in alle gemeenten aan de balie wordt gemaakt. Daarmee zet zij de professionele fotovakhandel volledig buitenspel. Als de overheid gegronde redenen heeft om regulerend op te treden in de markt, dan is dat haar goed recht. Vooralsnog is de motivatie voor dit voornemen echter volstrekt onbekend. Ondertussen zijn de gevolgen groot.

Omzetderving

Cijfers van onderzoeksbureau EIM wijzen uit dat het wegvallen van de pasfotomarkt leidt tot een omzetderving van € 24 miljoen op jaarbasis voor de fotovakhandel en vakfotografen. Dat terwijl de sector - die bestaat uit 800 fotovakzaken en honderden vakfotografen - in 2006 nog € 3,3 miljoen heeft geïnvesteerd om te kunnen voldoen aan de nieuwe eisen die gelden voor pasfoto’s voor het biometrische paspoort. Het inkomensniveau van de gemiddelde fotovakhandelaar zal dalen tot beneden het minimumloon. Dat zal grote gevolgen hebben voor de bereikbaarheid.

Geen marktprijs

De consument is hiervan de dupe. Als gemeenten zelf pasfoto’s gaan maken, verdwijnt een concurrerende marktprijs. De dienstverlening naar burgers neemt bovendien sterk af. De gemiddelde afdeling burgerzaken is zo’n 32 uur in de week open, de fotovakhandel 54 uur. De vraag rijst of gemeenten straks ook pasfoto’s gaan maken voor rijbewijzen, jaarkaarten en andere documenten, als er in de buurt geen fotovakhandel meer te vinden is. Vaker dan voorheen zal de consument hiervoor een halve vrije dag moeten opnemen.

Markt en Overheid

Al meer dan tien jaar overleggen belangenorganisaties van ondernemers met diverse regeringen over de kwestie ‘Markt en Overheid’. Zeer moeizaam zijn zij gedragsregels overeengekomen gericht op het voorkomen van oneerlijke concurrentie door overheden die als onderneming economische activiteiten verrichten.

Het toenmalige kabinet kondigde in februari 2004 een wijziging aan van de Mededingingswet, waarbij genoemde gedragsregels in deze wet zouden worden verankerd. Tweeëneenhalf jaar later, op 24 oktober 2006, nam de Tweede Kamer een motie aan waarin de regering werd verzocht vóór 1 mei 2007 de wijzigingen door te voeren. Mei dit jaar volgde ‘een aankondiging’ van de minister van economische zaken: in oktober zal de Tweede Kamer nader worden geïnformeerd. Hierop is nu het wachten.

Onduidelijkheid

Het continu vooruitschuiven van de verankering van richtlijnen en gedragsregels in de Mededingingswet leidt in het bedrijfsleven tot veel onduidelijkheid over het optreden van de overheid als marktpartij. Klassiek is het voorbeeld van bibliotheken die cd’s en dvd’s verhuren en daarmee concurreren met platenzaken en videoverhuurbedrijven. Ook andere sectoren maken zich zorgen en blijven voorbeelden aandragen over hoe de overheid door valse concurrentie hen de wind uit de ondernemerszeilen neemt.

Bron: MKB-Nederland