Wat houdt het reddingsplan van de overheid in?

Waarom de overheid met miljarden smijt en wie dat gaat betalen

08 januari 2010

De overheid lijkt wel een bodemloze zak geld te hebben: Banken worden geheel of gedeeltelijk overgenomen, spaartegoeden worden gegarandeerd en ook ondernemers krijgen extra steun. Wat houden deze reddingsplannen eigenlijk in? En waar komt al dat geld eigenlijk vandaan?

Hoe gaat het redden van banken de hele Nederlandse economie redden?

De overheid heeft besloten om banken in moeilijkheden geheel of deels te nationaliseren. Dit houdt in dat de overheid geheel of gedeeltelijk eigenaar wordt van een bank. Een voorbeeld hiervan is de volledige nationalisatie van Fortis/ABN AMRO en de kapitaalinjectie van 10 miljard euro voor ING. Dit wordt gedaan om het vertrouwen in de banken te herstellen. Klanten zullen dan minder snel hun geld bij de betreffende bank weghalen en de bank zal daardoor niet omvallen, zoals bijvoorbeeld in IJsland is gebeurd. Een genationaliseerde bank kan immers niet zomaar failliet gaan. Om de geldstromen op de financiële markten verder op gang te laten komen, hebben verschillende overheden garanties gegeven voor interbancaire leningen. Dit houdt in dat de overheid garant staat voor een geleend bedrag, wanneer de bank aan wie het geld wordt uitgeleend de lening niet terug kan betalen. Ook hier staat het herstellen van vertrouwen centraal. Wanneer de geldstromen hersteld worden, profiteren consumenten en bedrijven doordat zij weer makkelijker hun investeringen kunnen laten financieren door de banken. Op die manier gaat de economie weer beter draaien.

Zijn er ook reddingsplannen voor mij als ondernemer?

Voor de ondernemers in het midden-en kleinbedrijf heeft de overheid ook maatregelen genomen. Deze maatregelen hebben betrekking op het vergemakkelijken van financieringsprocedures. De bestaande garantieregelingen (borgstellingskredietregeling ) voor kredietaanvragen zijn verruimd.

Waar komt al het geld voor de reddingsplannen vandaan?

De Nederlandse overheid heeft geen spaarpot om dit soort uitgaven te financieren. Voor deze crisisoplossingen verhoogt zij haar staatsschuld. Dit betekent dat de overheid  het geld gaat lenen op de geldmarkt: deposito’s (korte rentevaste leningen), commercial paper (grote leningen voor middellange termijn) en schatkistpapier (kortlopende grote leningen).  Doordat zij meer geld leent, worden de rentekosten voor de overheid ook hoger. Het is mogelijk dat de staatsdeelnemingen (zoals in Fortis en ING) ook wat gaan opleveren. De overheid deelt mee in de winst en het is de bedoeling dat de staatsdeelnemingen weer worden verkocht als de crisis voorbij is. De verkoop van de belangen in de banken levert misschien ook geld op. De rente op de verhoogde staatsschuld is naar verwachting uiteindelijk dus geen extra kostenpost voor de overheid en heeft vooralsnog geen invloed op de hoogte van de belasting.

Redactie MKB Servicedesk