Hoe bespaar ik op verlichting?

Acht praktische tips om licht te besparen

06 maart 2020

Je hoeft niet meteen al je lampen te vervangen om je verlichting duurzamer te maken. Met kleine gedrags- en techniekveranderingen kun je ook besparen. Deze tips kunnen je een besparing tot 30 procent opleveren.

  1. Doe het licht vaker uit

Het aan en uit doen van een lichtbron, kost geen energie. Het laten branden van een lamp, doet dat wél. Probeer je daar wat bewuster van te zijn en doe het licht uit als je een vergaderruimte, magazijn of toilet verlaat en attendeer je werknemers hier ook op. Overigens is kunstlicht op de werkvloer sowieso niet iedere dag nodig. Op een zonnige dag heb je soms ook genoeg aan daglicht en kun je de lampen uitdoen.

  1. Benoem een energiecoördinator

Om je werknemers zuinig met licht om te laten springen, is het slim om een energiecoördinator aan te wijzen. Hij of zij kan opletten of er niet onnodig licht brandt. Ga eens in de zoveel tijd met hem of haar om de tafel zitten: Welke maatregelen zouden licht kunnen besparen? Vraag hem of haar ook om collega’s regelmatig te wijzen op het belang van energiezuinig met licht omgaan.

  1. Maak een afsluitprocedure

Zorg dat voor iedereen duidelijk is wie wanneer als laatste het licht uitdoet. De ene keer is het iemand van de schoonmaak, de andere keer ben je het zelf en een dag later is het een van je werknemers die nog iets wil afmaken.

  1. Plaats een bewegingssensor

In sommige ruimtes is niet constant licht nodig. Het vergaderhok, je kantoor, het toilet: de meeste van deze ruimtes worden niet de hele dag gebruikt. Als iedereen steevast het licht uitdoet bij het verlaten van de ruimte, is het prima. Echter, als jij en je werknemers dit vaak vergeten, kun je overwegen om een bewegingssensor te plaatsen. Dit kost zo’n 50 tot 60 euro. Aan één sensor kun je meerdere armaturen schakelen. De gemiddelde terugverdientijd is 1 tot 3 jaar.

  1. Verlichting op groepen

Zet verlichting in plaats van op één groep, op meerdere groepen. Soms zijn maar een paar van je werknemers aanwezig, waardoor het niet nodig is om de héle ruimte van licht te voorzien en je dus maar één groep hoeft in te schakelen.

  1. Verlichtingsniveau

Draai minder sterke peertjes in. Soms is dat hoge wattage helemaal niet nodig en kun je prima voor meer energiezuinige lampjes kiezen.

  1. Vervang lampen op tijd

Hoe langer je dezelfde lampen hebt, hoe minder licht ze gaan geven en hoe groter het risico dat ze kapot gaan. Kies daarom voor ‘groepsremplace’, waarbij je alle lampen ruim voor het einde van de aangegeven levensduur vervangt. Dit zorgt voor meer licht en verkleint de kans dat je lampen kapot gaan.

  1. Maak armaturen schoon

Armaturen, lampen en lichtsensoren worden vuil. Viezigheid zorgt ervoor dat een deel van het rendement verloren gaat. Dit is makkelijk op te lossen door minstens een keer per jaar de armaturen, lampen en sensoren schoon te (laten) maken. Schone verlichting geeft meer licht en gaat langer mee.  

Interesse in gratis bespaaradvies? Doe dan nu een online scan of bel dan nu met de klantenservice van Essent of een advies op locatie (t.w.v. € 500) interessant voor jou is: 0900 1466

Auteur

Lenneke Arts