Ruim je internet eens op

Column l Goudzoekers in Amerika

31 januari 2013

Om nieuwe dingen te begrijpen, zoek ik altijd graag naar analogieën in de bestaande wereld. Zo vergelijk ik het ontginnen van kansen op internet, met de eerste pioniers die Amerika introkken.

Whitepaper Benut je online kansen: cloud computing

Ze gingen steeds een beetje verder het land in. Van ‘fouten’ in Europa hadden ze geleerd. Zo bouwden ze bijvoorbeeld brede rechte straten. En zo claimde zo'n beetje eenieder een aantal domeinnamen. Als ruimte en mogelijkheden onbegrensd zijn, begin je steeds gewoon opnieuw een stukje verderop. De internetbubble was zo'n tijd waarin alles leek te kunnen. Totdat de Titanic zonk.

Let's do it, clean up

De onbegrensde ruimte in de wereld, bracht ook geen noodzaak op te ruimen. Schippers dumpten afval overboord, de oceaan is groot genoeg. Mensen aan de rivier gebruikten die als afvoer. En in de uitgestrekte bossen was ruimte voor afgedankte autobanden en koelkasten.

Opeens beseffen we dat dat niet oneindig door kan gaan, sterker nog, dat we moeten opruimen. Estland liet zien dat 50.000 vrijwilligers bereid waren in één dag 10.656 illegale storts op te ruimen. Mooi staaltje crowdsourcing trouwens. Volgend jaar wil Let's do it zo de hele wereld opruimen. Ze zoeken nog vrijwilligers of 'Like' ze op Facebook.

Vervuilde blogspots

Kunstenares Karina Pálosi laat zien, hoe slordig we omgaan met de ruimte op blogspot. Ze toont 50 willekeurige blogs, de meeste zijn sinds 2005 niet meer aangeraakt, en tonen vaak niet meer dan enkele openingswoorden. Een ander kan de ruimte niet meer gebruiken.

Er zijn ook twitteradressen met niet meer dan 3 tweets, tot verdriet van mensen die die naam wél zouden willen gebruiken. Maar de pijn is natuurlijk nog niet groot. Je kiest toch gewoon een andere naam? Ruimte genoeg. Wist je trouwens dat er 50 miljoen hits zijn op ‘Untitled Document’? En 6 miljoen afbeeldingen met de naam IMG_001.jpg?

Internet opruimen

Tot nu toe steken we weinig energie in het opruimen van internet. Toen Hotmail een limiet van 2 Mb aanhield, stapte iedereen over naar Gmail. En als de server op kantoor volloopt, kopen we een nieuwe. Straks in de cloud is dat nog makkelijker. Vervuiling die moeilijker is te meten, is het verkeerd gebruik van bandbreedte. RSS feeds die niet bekeken worden en de internetradio aan laten staan. Of meer films downloaden dan waar je tijd voor hebt. En natuurlijk al die automatische updates. Daar wordt het internet langzaam van. Hoewel, dan neem je toch gewoon een snellere verbinding?

Wanneer bereiken we de noodzaak wel om op te ruimen? Of een stap moeilijker: Wanneer gaan we cradle to cradle denken bij nieuwe virtuele producten? Als Twitter nóg vaker onbereikbaar is? Net als fileproblematiek? Of als de energieprijs oneindig is? Of pas als teveel eigenaars van ruimte op internet zijn gestorven, en het erfrecht om herziening vraagt? Of voorlopig nog lang niet?

Auteur

Jeroen Komen