Nieuwe wet flexibel werken?

CDA en GroenLinks dienen wetsvoorstel in

23 augustus 2012

Mogen werknemers voortaan zelf kiezen voor flexibele werktijden en thuiswerken? Kamerleden Eddy van Hijum (CDA) en Ineke van Gent (GroenLinks) vinden van wel.

Wetsvoorstel

De Kamerleden hebben donderdag hun wetsvoorstel ingediend. Zij willen dat werknemers voortaan zelf kunnen kiezen voor flexibele werktijden en thuiswerken. Van Hijum en Van Gent verwachten dat de meerderheid van de Kamer achter hun voorstel staat.

De bestaande wet uit 2000, die werknemers het recht gaf om kortere of langere werkweken te vragen is flink uitgebreid. Nu mogen werknemers als ze een half jaar aan het werk zijn, namelijk ook vragen om aanpassing van hun werktijden en de werkplek.

Op andere tijden aan de slag

CDA en GroenLinks schatten dat 4,9 miljoen werkende Nederlanders in loondienst van de wet gebruik zullen maken. Dat is maarliefst driekwart werknemers. Dit zou kunnen leiden tot een cultuuromslag. “Wij zijn niet voor een samenleving waarin iedereen steeds meer werkt. Maar het taboe dat je niet 's avonds na het eten je laptop nog even zou kunnen uitklappen moet er af”, aldus van Gent. Van Hijum vervolgt: “Zodat je dan ook om kwart over drie je kinderen van school kunt ophalen.”

Wat levert het mij als werkgever op?

Het grootste voordeel van de wet voor flexibel werken? Zo kunnen de kosten van de vergrijzing worden opgevangen: iedereen kan immers werken, zoveel als mogelijk is. Uit eerdere onderzoeken blijkt dat flexibel werken gunstig is voor de arbeidsproductiviteit, gezondheid, het milieu, de werk- privébalans en files.

Is flexibel werken ook geschikt voor mijn organisatie?

Niet elk bedrijf is geschikt, dat weten ook Van Huijm en Van Gent: “Leraren, winkelmedewerkers en verpleegsters zijn op gezette tijden nodig op de werkplek. Maar er zijn wel steeds meer mogelijkheden om flexibel te werken. De secretaresse van een bouwbedrijf valt onder dezelfde cao als de bouwvakkers, maar er is geen dwingende reden om haar werktijden niet flexibel te kunnen invullen.”

Bron: Volkskrant