Hoe herken je een aap?

Apenheul, TNO en lokale bedrijven leren van elkaar

27 oktober 2014

Een camera leren wat een aap is, is moeilijker dan je denkt. En herkennen wanneer die aap ‘iets leuks’ doet, dat is nog veel lastiger. Apenheul, TNO en een groep lokale ondernemers ontwikkelen deze techniek samen. “Deze ontwikkeling kan veel betekenen voor sectoren als beveiliging en de zorg,” vertelt Coen de Ruiter, directeur van Apenheul.

Whitepaper: Waarom zou ik innoveren?

Whitepaper: Plannen maken voor innovatie

In een kantoor naast Apenheul bekijken directeur Coen de Ruiter en Berry Vetjens (TNO) de gorilla’s via camera’s. In het park staan 11 camera’s rondom het gorilla-eiland. Een online livestream selecteert steeds de camera die op dat moment de meeste gorilla’s in het vizier heeft. Blauwe puntjes op een plattegrond geven aan waar de apen precies zijn. Twee puntjes beginnen wild om elkaar heen te draaien. De camera wisselt. Die twee gorilla’s zijn aan het spelen, zien De Ruiter en Vetjens op hun scherm.

Ideale testplek

“Mensen kunnen de gorilla’s straks thuis volgen en een band met de dieren krijgen,” vertelt De Ruiter. “Dat zorgt voor extra gorilla-fans en misschien zelfs extra bezoekers. Voor parkbezoekers is deze techniek ook praktisch. Er staan twee grote beeldschermen waarop je ziet op welke plek nu de meeste apen zitten.”

Handig, want met een oppervlakte van 1 hectare is het Apeldoornse gorilla-eiland het grootste van de wereld. “Dit gebied is ideaal om camera-sensortechniek te testen,” vertelt Vetjens, innovatiedirecteur bij TNO. “Niet alleen is het oppervlak groot, maar het staat ook vol obstakels zoals stenen en bomen. Dat maakt het extra lastig voor de camera om een levend wezen te herkennen en dus de ideale omgeving om techniek te ontwikkelen. En daarbij hebben gorilla’s geen last van de camera’s, terwijl je in een winkelcentrum met mensen te maken hebt met privacyvragen.”

Gorilla-Gemist

“Tweeënhalf jaar geleden vroegen wij Apenheul of we onze camera’s rond het eiland mochten installeren,” vertelt Vetjens van TNO. De Ruiter was meteen enthousiast. “Apenheul is een stichting. We geven graag terug aan de maatschappij. De verdere ontwikkeling van sensortechniek in camera’s kan veel betekenen voor gezondheidszorg, beveiliging of verkeersleiding,” legt hij uit. “We faciliteren bijvoorbeeld ook onderzoek van universiteiten. De onderzoekers hoeven dankzij deze nieuwe camera’s niet de hele dag in het park te observeren. Ze kunnen de gorilla’s nu altijd volgen vanuit huis. En in de toekomst kunnen ze de beelden zelfs terugkijken.”

Na een half jaar voorbereiden gingen TNO en Apenheul op zoek naar partners. Die vonden ze in lokale mkb’ers. “Hollander Techniek zorgde bijvoorbeeld voor een glasvezelnetwerk en InfoCaster maakte de website,” vertelt De Ruiter. “Ik vind het heel zinvol om op deze manier samen te werken. Daarom starten we na de lancering ook een platform voor mkb-bedrijven om meer te doen met deze techniek.”

Leren van de fans

“De camera’s verzamelen veel data, big data, waaruit meteen - real-time - het beste beeld wordt geselecteerd,” vertelt Vetjens. “Nu betekent ‘het beste beeld’ het beeld met de meeste gorilla’s. In de toekomst moet het het beeld worden met de meest interessante acties.”

“Dat kunnen stoeiende gorilla’s zijn, of juist een babygorilla die ligt te slapen,” vertelt De Ruiter. “Om het systeem te leren wat een leuk beeld is, hebben we heel veel hulp van mensen nodig. Binnenkort vragen we fans om bij te dragen door hun favoriete beelden te ‘liken’.” In de toekomst kunnen mensen de camera’s ook leren wat de dieren precies doen (spelen, paren, eten) of hoe ze heten. “Echte fans weten wie wie is. Knap hoor, mij moet je het niet vragen! Maar het systeem weet het straks dus ook precies,” lacht de Apenheul-directeur.

Met wat het systeem geleerd heeft, selecteert de camera vanzelf het beste beeld. Hier kunnen dementerende ouderen bijvoorbeeld veel aan hebben. “Met een camera in huis die gedrag kan herkennen, kun je bepaalde symptomen op tijd herkennen,” vertelt Vetjens van TNO. “Dat doet de camera zelf: niemand hoeft mee te kijken. Pas als de camera denkt dat het fout gaat, kan hij een sms’je sturen. Naar de dokter of naar een familielid. Zo kun je mensen monitoren zonder privacy te schenden.”

Auteur

Claartje Vogel