In deel 2 vraagt de Belastingdienst naar de werkzaamheden waarvoor je een VAR-verklaring aanvraagt. Dit zijn twaalf vragen over het soort werkzaamheden dat je gaat verrichten, hoeveel uur je daarmee bezig denkt te zullen zijn, voor hoeveel opdrachtgevers je gaat werken en wat je relatie tot deze opdrachtgevers is.
Het soort werkzaamheden
In het eerste veld moet je het soort werkzaamheden omschrijven waarvoor je een VAR aanvraagt. Je mag zelf weten hoe je dit doet, maar denk er wel goed over na. Stel: je bent zakelijk adviseur en je omschrijft je werkzaamheden als 'dienstverlening', dan is de kans groot dat de Belastingdienst hier niet mee akkoord gaat omdat de omschrijving te ruim is. Beter is 'advieswerkzaamheden, waaronder belastingadviezen, bedrijfsopvolgingsadviezen en financiele planningsadviezen'.
Opdrachtgevers
Ook wat betreft het aantal verwachte opdrachtgevers bestaat er de misvatting dat dit er minstens drie moeten zijn om in aanmerking te kunnen komen voor een VAR-wuo. Alleen als je veel kortlopende klussen doet, heb je meerdere opdrachtgevers nodig voor een VAR-wuo. Bij langlopende projecten heb je ook genoeg aan één of twee opdrachtgevers.
De Belastingdienst wil veel weten over je opdrachtgevers. Dit doen ze om erachter te komen wat precies de verhouding is tussen jou en je opdrachtgevers. Ze willen er zo zeker mogelijk van zijn dat er geen sprake is van loondienst.
Als je deel 2 hebt ingevuld, kan je verder met deel 3. Deze gaat over je VAR-inkomsten. In dit artikel lichten we deel 3 verder toe.
Bron: Indicator