Kan een zzp'er ontslagbescherming hebben?

Column | Beëindiging freelancecontract

15 mei 2013

Velen denken het contract met een zzp'er makkelijk te beëindigen, omdat een zzp’er geen arbeidsovereenkomst en ontslagbescherming heeft.

Whitepaper Flexibele arbeidscontracten

De zaak

Een huisarts heeft van 1978 tot 1983 als freelancer bijdragen geleverd aan een aantal radioprogramma’s van de TROS. Sinds 1983 heeft hij de dagelijkse medische berichten op TROS-teletekst verzorgd. Daarnaast heeft de arts door de jaren heen voor veel verschillende opdrachtgevers culturele activiteiten verricht, zoals het schrijven van kinderboeken. In 2002 heeft de arts zijn huisartsenpraktijk wegens medische problemen moeten staken. 

Ontslag zonder ontslagvergunning

In 2006 en 2007 zijn tussen de arts en de TROS gesprekken gevoerd over het beëindigen van de werkzaamheden. Uiteindelijk heeft de TROS de medische rubriek op teletekst per 1 juni 2008 beëindigd. De TROS beschikte niet over een ontslagvergunning.

Vier voorwaarden 

De arts is het niet eens met de beëindiging van zijn freelancecontract. Hij is van mening dat zijn freelancecontract een arbeidsrelatie is zoals bedoeld is in art. 1 onder b sub 2 van het Buitengewoon Besluit Arbeidsverhoudingen 1945 (BBA). In dat artikel is bepaald dat een freelancecontract niet zonder een ontslagvergunning kan worden opgezegd indien aan alle vier voorwaarden is voldaan:

1.      De afgesproken arbeid moet persoonlijk door de freelancer worden verricht.

2.      De werkzaamheden - die soortgelijk zijn aan de afgesproken werkzaamheden - worden door de freelancer voor niet meer dan twee opdrachtgevers verricht.

3.      De freelancer laat zich bij het uitvoeren van de werkzaamheden door niet meer dan twee anderen bijstaan.

4.      De werkzaamheden zijn voor de freelancer niet bijkomstig van aard.

Omdat de TROS geen ontslagvergunning had, terwijl dat volgens de arts wel nodig was, dient volgens de arts zijn loon te worden doorbetaald. Daarom wendt deze zich tot de kantonrechter.

De kantonrechter 

De kantonrechter wijst de vordering van de arts af. Vervolgens gaat de arts met succes in hoger beroep. Daarna legt de TROS de zaak voor aan de Hoge Raad. De TROS is namelijk van mening dat de arts bij aanvang van zijn freelancecontract niet aan de eisen van het BBA voldeed. De TROS is daarnaast van mening dat de arts wel degelijk voor meer dan twee opdrachtgevers werkzaamheden heeft verricht. De TROS wijst daarbij op de vele culturele werkzaamheden die de arts voor diverse opdrachtgevers heeft verricht.

De uitspraak

De Hoge Raad bekrachtigt de uitspraak van het gerechtshof. Volgens de Hoge Raad voldeed het freelancecontract op het moment dat het werd opgezegd aan alle eisen die het BBA stelt, zodat een ontslagvergunning nodig was. Daarbij is niet van belang of de arts bij het begin van het freelancecontract misschien niet aan de eisen van het BBA voldeed. Het gaat er om of de arts op het moment van het ontslag aan die criteria voldeed.

Ook is de Hoge Raad van mening dat het er niet toe doet dat de arts voor andere opdrachtgevers culturele activiteiten ontplooide. In het BBA is immers bepaald dat een ontslagvergunning nodig is indien de freelancer soortgelijke werkzaamheden voor niet meer dan twee opdrachtgevers verricht. Volgens de Hoge Raad zijn de culture werkzaamheden niet vergelijkbaar met de werkzaamheden voor de TROS, zodat ze niet soortgelijk zijn.

Conclusie

Soms kan een opdrachtgever niet zonder ontslagvergunning van zijn freelancer af. Het is belangrijk om hier bij opzegging van een freelancecontract rekening mee te houden, omdat de verplichting tot het betalen van loon blijft staan als achteraf blijkt dat een ontslagvergunning toch nodig was. Een dergelijke loonvordering kan behoorlijk oplopen. Bij twijfel is het daarom voor zowel opdrachtgevers als zzp’ers raadzaam tijdig een deskundige advocaat te raadplegen.

Bron: rechtspraak.nl, LJN: BT7500

Auteur

Maarten Menger