Auto van de zaak

Wat zijn de opties?

07 augustus 2012 01 september 2020

Een bedrijfsauto is niet alleen populair vanwege het financiële voordeel. Een auto van de zaak betekent voor veel medewerkers, ook een blijk van waardering. Wat zijn de opties en welke afspraken kun je met je medewerker maken?

Hoe geef ik mijn werknemer een auto van de zaak?

Er zijn verschillende opties om je medewerker een auto van de zaak te geven. 

  • Je werknemer gebruikt een auto die eigendom is van het bedrijf.

  • Je leaset een auto voor je werknemer. 

  • Je hebt auto’s voor het bedrijf geleasd, waar verschillende werknemers gebruik van kunnen maken.

  • De werknemer koopt, huurt of leaset een auto, waarbij jij de totale kosten vergoedt.

Voor al deze opties geldt: als de medewerker de auto ook privé gebruikt, krijg je te maken met bijtelling. De enige situatie waarbij geen bijtelling wordt gerekend, is wanneer je de werknemer reiskostenvergoeding geeft in plaats van een auto voor hem faciliteert. 

Bijtelling en ritregistratie

Als het privégebruik van de werknemer meer dan 500 kilometer per jaar is, wordt er bijtelling bij het inkomen van de werknemer geteld. De auto wordt namelijk gezien als loon in natura. Over de bijtelling wordt dus loonbelasting, premies volksverzekeringen en de inkomensafhankelijke bijdrage voor de zorgverzekeringswet ingehouden. De hoogte van de bijtelling is afhankelijk van de catalogusprijs en van de CO2-uitstoot van de auto. Woon-werkverkeer valt voor de bijtelling niet onder privégebruik. Bij de omzetbelasting is dit wel het geval. Hiervoor moet je de werkgever een sluitende ritregistratie laten bijhouden, anders kun je een fikse naheffing krijgen. 

Soort autoBijtelling
Elektrisch8 procent met cataloguswaarde t/m € 45.000 22 procent voor bedrag boven € 45.000
Waterstof8 procent
Overige auto's (met CO2-uitstoot meer dan 0 gram)22 procent

Voorbeeld: je koopt een elektrische auto van € 50.000. Dan is de bijtelling 8 procent voor de eerste € 45.000 en 22 procent voor de overige € 5.000. De bijtelling wordt dus: 

(45.000 x 0,08) + (5.000 x 0,22) = € 4.700

4.700 / 12 = € 391,67 wordt bij het maandelijkse loon opgeteld, tenzij je een eigen bijdrage afspreekt (zie hieronder).

Afspraken over de auto van de zaak

Het is verstandig om afspraken te maken over het gebruik van de auto van de zaak. Denk onder andere aan onderstaande punten. 

  • Wil je de werknemer een eigen bijdrage laten betalen? Dat kun je bijvoorbeeld verplichten als de werknemer de auto privé wil gebruiken of als de door hem gewenste auto buiten jouw budget valt. De bijtelling wordt verlaagd met deze eigen bijdrage. 

  • Is de auto gekoppeld aan een functie of aan een persoon? Voorkom discussie als de werknemer een andere functie krijgt, bijvoorbeeld een functie met werkzaamheden waarvoor hij de auto minder vaak of niet meer nodig heeft. 

  • Wie mag er - naast de werknemer - nog meer in de auto rijden? Bijvoorbeeld collega’s, een partner of thuiswonende kinderen van minimaal 23 jaar. Je kunt ook afspreken dat collega’s van de auto gebruik moeten kunnen maken. 

  • Wat gebeurt er met auto (of het leasecontract) als de werknemer ontslag neemt, wordt ontslagen of ziek wordt? Als de werknemer de auto ook privé gebruikt, is het niet redelijk om te verlangen dat hij direct een nieuwe auto heeft. Je kunt bijvoorbeeld de opzegtermijn van zijn contract aanhouden voor het laten regelen van een nieuwe auto.

  • Hoe zorg je ervoor dat je werknemer veilig rijdt? Je kunt ze tips geven om veiliger te rijden, maar je kunt ook afspraken maken. Zo kun je verplichten dat je werknemer zijn mobiel niet gebruikt in de auto, of dat hij een app als Automodus installeert. Met de Automodus app kan je werknemer inkomende oproepen, meldingen en berichten uitzetten, maar de navigatie nog wel gebruiken. Deze app is gratis.  

Wat gebeurt er als de werknemer toch schade maakt? Als de schade onder werktijd gebeurt, ben jij als werkgever sowieso aansprakelijk en mag je geen eigen risico doorberekenen. Maar over schade in privétijd kun je afspraken maken., bijvoorbeeld een bedrag dat per schade oploopt. Een doorberekend eigen risico mag maximaal een hoogte hebben van het bedrag dat de verzekeraar normaal aan eigen risico zou vragen. Meestal is dit tussen de € 150 en € 300.