Beide billen op de stoel bij DWDD

Column Marvin Bruijstens | Opgroeien met de nieuwe realiteit

20 februari 2020

Eind vorig jaar zat ik in het publiek bij het televisieprogramma De Wereld Draait Door. Met duidelijke instructies van mijn vrouw om met beide billen op de stoel te blijven zitten en niet om de haverklap de vinger op te steken, heb ik de rit keurig uitgezeten. Dat was lastig, met het onderwerp 'de recessie' op het programma. Die wel, of toch niet, ten einde is.

Die dag was bekendgemaakt dat 'we' met een minuscuul percentage uit de recessie zijn. Reden tot feest en dito aandacht in De Wereld Draait Door: een discussie met drie jonge economen die gestart en afgestudeerd zijn in crisistijd. Deze discussie viel uiteindelijk wat tegen, of zoals Matthijs van Nieuwkerk concludeerde: "We zijn geen steek opgeschoten". Hij refereerde daarbij met name aan de slotconclusie van de jonge economen die aangaven dat er vertrouwen van de consument nodig is om verdere groei te kunnen noteren. Nou ja, dat horen we inderdaad al jaren, dus dat was eerder een gevalletje van 'oude wijn in jonge economenzakken'.

Ondernemersdriften

De discussie deed mij wel denken aan mijn eigen situatie. Ik ben tijdens de crisis voor het eerst ondernemer geworden. Niet omdat ik een schoolverlater was, niet omdat ik -door dezelfde crisis- werd wegbezuinigd. Nee, in mijn geval was het een gevalletje 'ondernemersdriften' dat al jarenlang periodiek opspeelde. Midden dertig en een goede managementbaan. Een te grote auto onder de kont en een te dik maandsalaris op mijn rekening konden me uiteindelijk niet bekoren. Samen met collega Pepijn Bosman ben ik eind 2009 -in het episch centrum van de crisis, een lekker moment dus- onze eigen onderneming gestart: SBLi ontwikkelt en produceert retail meubilair voor internationale retailklanten als G-STAR, Suitsupply, GANT, Rabobank en Supertrash.

Na drie jaar vooral snoei- en snoeihard werken en de dingen vooral net even anders doen, kunnen we de balans opmaken en concluderen dat we succesvol opereren. Dat dit ons is gelukt in een krimpende markt en met klanten die vooral de hand op de knip willen houden, vinden wij uiteraard een prestatie van formaat.

Calvinistisch kikkerlandje

Maar is dat volledig te danken aan vertrouwen van de consument, zoals de jonge economen bij DWDD menen? Volgens mij gaat het niet om vertrouwen van de consument, maar om zelfvertrouwen en ambitie van de ondernemer. De ondernemer die de consument iets wil verkopen en de ambitie heeft om dat beter te doen dan zijn 'con-collega's'. Dat gaat niet alleen om de (laagste) prijs, maar ook om service, kwaliteit en ambitie om de beste te zijn in je vakgebied. Nu weet ik dat een gezonde ambitie er in ons calvinistische kikkerlandje in de regel vakkundig uitgetimmerd wordt. Je weet wel: 'hoge bomen vangen veel wind', 'je kop boven het maaiveld uitsteken'. Maar met zelfvertrouwen en ambitie kom je een stuk verder dan achterover te leunen totdat er een trein met vertrouwen voorbij komt denderen.

Groei in krimpmarkt

Als startende ondernemers in de crisis, is er voor ons geen tijd voor of na de recessie. Hij is voor ons simpelweg nooit begonnen. Wij weten niet anders dan dat er sprake is van een kopersmarkt waar de klant de dienst uitmaakt. Die klant is niet lastig, hij wil simpelweg 'een Ferrari wil kopen voor een Volkswagen prijs' en die moet dan ook nog gisteren worden geleverd. Bovendien hebben we vooral geluisterd naar de klant. Wat zijn de behoeften, zijn er ontwikkelingen waar we op in kunnen en moeten spelen. Ook dit jaar zullen wij weer 20 procent groei noteren in een krimpende markt. En nee, wij zijn geen corporate onderneming waar vreemd vermogen de tent overeind houdt, maar een internationaal ondernemend mkb-bedrijf dat gewend is zonder bankkrediet (want dat krijgen we toch niet) hard te werken in een moeilijke markt.

Focus op dichte portemonnees

Door onze organisatie maximaal te flexibiliseren houden we de kosten in de grip in de maanden dat het moet en kunnen we snel opschalen wanneer de markt daarom vraagt. Geen focus op dichtblijvende portemonnees bij het bedrijfsleven, de overheid en de consument, maar richten op kansen die dagelijks voorbij komen. Verder: geen te groot bedrijfspand betrokken, niet te veel personeel aangenomen, geen te grote lease auto's op het bedrijfsterrein, maar investeren in flexibiliteit en markt- & productinnovatie.