Hoe moet ik afschrijven?

Alles over het afschrijven van investeringen

13 februari 2015 04 februari 2020

Een lastig onderdeel van boekhouden en belastingaangifte is de afschrijving. Wanneer moet je nou iets afschrijven, hoe bereken je het bedrag en waarom is het eigenlijk nodig? In dit artikel leggen we je stap voor stap uit hoe het werkt.

Om te bepalen hoeveel belasting je moet betalen, kijkt de Belastingdienst naar je winst. Dit is je omzet, met aftrek van je kosten en je aftrekposten. Maar als jij een grote aankoop doet (zoals een nieuwe computer, auto of machine) mag je dit bedrijfsmiddel niet meteen als ‘kostenpost’ van je winst aftrekken. Je doet namelijk langer dan een jaar met zo’n apparaat, dus moeten de kosten ook over meerdere jaren worden uitgesmeerd.

Om te berekenen hoeveel je elk jaar mag afschrijven, heb je drie gegevens nodig:

  • De aanschafkosten met eventuele installatiekosten, met aftrek van eventuele korting of subsidie

  • De vermoedelijke gebruiksduur van het bedrijfsmiddel in jaren. Vraag je leverancier hiernaar. Meestal kan hij goed inschatten hoelang het bedrijfsmiddel meegaat.

  • De restwaarde van het bedrijfsmiddel. Ook hier kan je leverancier je een indicatie van geven.

De jaarlijkse afschrijving, dus wat je elk jaar als kost in mindering mag brengen op je winst, is dan de aanschafwaarde minus de restwaarde, gedeeld door de gebruiksduur.

Stel, je koopt een machine van 30.000 euro. Hij gaat vijftien jaar mee. Daarna kun je de onderdelen nog voor gemiddeld 5.000 euro verkopen. Je afschrijving is dan 30.000 - 5.000 = 25.000 / 15 = 1.666.67 euro per jaar.

Methodes

Dit berekening hierboven is de meestgebruikte lineaire methode. Je kunt ook kiezen voor de annuïteitenmethode. Dan neem je de rente mee van de lening die je eventueel voor het bedrijfsmiddel hebt afgesloten. Het bedrag is dan inclusief die rente elk jaar hetzelfde (omdat de rente minder wordt als je aflost, wordt de afschrijving elk jaar iets meer).

De afschrijving is elk jaar maximaal 20 procent van de aanschafkosten. Anders gezegd, je moet bedrijfsmiddelen in minimaal vijf jaar afschrijven. Investeringen in goodwill moet je in minimaal 10 jaar afschrijven.

Het kan trouwens zijn dat jij een bedrijfsmiddel maar vijf jaar wil gebruiken, terwijl het best tien jaar mee kan gaan. Bijvoorbeeld omdat je met je taxibedrijf in relatief nieuwe auto’s wilt rijden. Die vijf jaar is dan je economische gebruiksduur. Je mag deze aanhouden in plaats van de technische bedrijfsduur (de 10 jaar). De restwaarde zal dan vanzelfsprekend hoger zijn.

Bedrijfsmiddel

Moet je elk bedrijfsmiddel afschrijven? Nee, niet elke pen (waar je misschien best drie jaar fijn mee kunt schrijven) hoeft te worden afgeschreven. De Belastingdienst houdt een drempel aan van 450 euro om een aankoop te zien als een investering, die moet worden afgeschreven. Een nieuwe printer van 250 euro mag dus meteen als kostenpost de boeken in van het jaar waarin je hem koopt.

Maar ik mocht toch meteen de helft afschrijven? Vanwege de economische crisis heeft de regering in 2009, 2010, 2011 en de tweede helft van 2013 tijdelijk de regeling willekeurig afschrijven ingesteld. Je mocht toen meteen de helft van het aankoopbedrag van je winst aftrekken, om de rest normaal af te schrijven. Dit was een tijdelijke regeling om ondernemers te helpen en hij is nu afgelopen. Er zijn nog twee gevallen waarin je willekeurig mag afschrijven:

  • Je bent een startende ondernemer en komt in aanmerking voor startersaftrek;

  • Of je investeert in een milieubedrijfsmiddel dat op de milieulijst staat. Lees hier in het artikel over de regeling Vamil (willekeurige afschrijving milieubedrijfsmiddelen) meer over.

Startersvoordeel

Als startende ondernemer mag je willekeurig afschrijven op investeringen waarvoor je de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek kunt krijgen. Dit betekent dat je bedrijfsmiddelen die tussen 2.301 en 309.693 euro hebben gekost, en die je koopt in een jaar waarin je ook startersaftrek krijgt of het jaar ervoor, sneller mag afschrijven.

Er zijn een aantal zaken uitgezonderd van willekeurig afschrijven. Dit zijn:

  • investeringen in bepaalde bedrijfsmiddelen, zoals woonhuizen, grond, dieren, personenauto's die niet bestemd zijn voor beroepsvervoer, vaartuigen voor representatieve doeleinden, effecten, vorderingen, goodwill en publiekrechtelijke vergunningen

  • bedrijfsmiddelen die zijn bestemd voor verhuur of voor gebruik in het buitenland

  • Zaken die je zelf (of, bij een bedrijf met meerdere eigenaren, een van de belanghebbenden die voor minimaal een derde eigenaar is van het bedrijf) aan het bedrijf verkoopt.  

Wat doe ik met die afschrijving?

Afschrijving is een puur boekhoudkundig trucje om uitgaven over meerdere jaren te verdelen. De Belastingdienst controleert niet of je het daadwerkelijk ergens hebt. Maar het is natuurlijk wel slim om de afschrijving apart te zetten. Als je bedrijfsmiddel dan op is, heb je een budget om het te vervangen.

Auteur

Marlou Visser