Voorkom belastingheffing bij de verkoop van onderneming

Beperk of voorkom belastingheffing

19 september 2011 04 februari 2019

Heb je een eenmanszaak of vennootschap onder firma en wil je het bedrijf verkopen, dan zul je met de fiscus moeten afrekenen. Gelukkig zijn er verschillende manieren om belastingheffing te beperken of te voorkomen.

Je moet belasting betalen over de verkoopprijs, met een vermindering van de boekwaarde. Verkoop je bijvoorbeeld de inventaris voor € 50.000 en heeft deze nog een boekwaarde van € 20.000, dan heb je een boekwinst van € 30.000. Over dat bedrag moet je belasting betalen. Ontvang je ook nog goodwill, dan zul je hierover ook belasting moeten betalen.

Download nu gratis het whitepaper Eerste Hulp bij Bedrijfsovername

Heffing voorkomen of uitstellen

Er zijn een aantal manieren om belastingheffing te voorkomen of uit te stellen. De meest voorkomende mogelijkheden:

  1. Je verkoopt de onderneming aan een medewerker die al langer dan drie jaar in de onderneming werkzaam is. Dit kan zonder fiscale heffing, omdat de belastingheffing dan wordt verschoven naar de medewerker. De medewerken zal daarom vragen om een lagere koopprijs, maar het voordeel is dat er dan niets naar de fiscus gaat. Deze regeling is ook van toepassing bij verkoop aan medevennoten.

  2. Is een van de kinderen geïnteresseerd in een overname van de onderneming, dan kun je gebruik maken van de schenkingsfaciliteit bij bedrijfsopvolging. Je bent dan geen of slechts een beperkte erf- en schenkbelasting verschuldigd aan de Belastingdienst (tot € 1 miljoen vrijstelling, daarna 83% vrijstelling).

  3. Verkoop de eenmanszaak en koop van deze opbrengst een stakingslijfrente bij een verzekeraar of ‘spaar’ het bij een bank (‘banksparen’). De boekwinst op de verkoop van de eenmanszaak is belast en de stakingslijfrente (of banksparen) is aftrekbaar. Voordeel van deze structuur is belastinguitstel en een tarief-voordeel.

  4. Breng je bedrijf in in een BV. Je verkoopt de eenmanszaak aan de bv zonder belastingheffing (‘geruisloos’). Na ongeveer drie jaar verkoop je de BV. Dat kan dan onbelast (als er sprake is van een holding) of je bent de Belastingdienst een belasting verschuldigd van 25% (‘aanmerkelijk belang’) van de winst op de aandelen. Eventueel kun je de onderneming ook ruisend inbrengen in de BV waarbij er voor de stakingswinst bij de eigen BV een stakingslijfrente wordt bedongen.

  5. Ondernemer blijven; zolang je ondernemer blijft, hoef je nog niet af te rekenen. Je kunt een samenwerking zoeken met een opvolger of je kunt een commanditaire vennootschap opzetten. De samenwerking kun je op zo’n manier vormgeven dat je de afrekening kunt uitstellen en op die manier de risico’s beperkt.

Auteur

Paul Overwater