Verhoging btw-tarief naar 21%: wat zijn de consequenties?

Sinds 1 oktober 2012 is het standaard btw-tarief veranderd

22 januari 2014

Het standaard btw-tarief is op 1 oktober 2012 omhoog gegaan van 19 naar 21 procent. Dat betekent een flinke aanpassing voor veel ondernemers. De belangrijkste problemen en oplossingen op een rij.

Whitepaper Hoe bedien ik mijn klanten online?

Op 28 april 2012 is in het bezuinigingsakkoord door de regering besloten het standaard btw-tarief per 1 oktover 2012 te verhogen van 19 naar 21 procent. De belangrijkste problemen op een rij:

  • Retail in de problemen

    Veel winkeliers hebben hun bestelling voor het najaar al geplaatst en deze producten dus al in hun voorraad opgenomen. Nu het btw-tarief in oktober omhoog is gegaan, wordt hun voorraad twee procent minder waard. Een prijsverhoging midden in het seizoen doorvoeren, is vaak richting de klant toe onmogelijk. Gevolg: veel winkeliers zullen dit verlies uit eigen zak moeten betalen.

  • Administratieve rompslomp

    De btw-verhoging vraagt om aanpassingen in het boekhoudsysteem. Heb je een webshop, dan moet je de automatische berekening van het btw-tarief ook (laten) aanpassen.

  • Betalingsproblemen

    Mogelijk heeft de omzetbelasting die je afdraagt, al het 21 procent-tarief, terwijl je klant nog een factuur heeft liggen met het 19 procent-tarief. Daardoor maak je verlies. Heb je als ondernemer geen volledig aftrekrecht, dan betekent de btw-verhoging een hogere kostenpost.

Oplossingen

Bovenstaande problemen zijn voor een groot deel te voorkomen of op te lossen. Hieronder de belangrijkste oplossingen:

  • Vooraf factureren

    Voor diensten/producten die je vanaf 1 oktober 2012 verricht/levert, mag je vooraf al een btw-tarief van 21 procent in rekening brengen. Volgens het nieuwe wetsvoorstel is het moment van presteren/leveren hierbij bepalend. 

  • Splits de afrekenperiode

    Voor geleverde diensten die beginnen voor 1 oktober 2012 en erop of erna eindigen mag je de afrekenperiode splitsen. Dus voor alles dat je hebt verricht vóór 1 oktober 2012, factureer je 19 procent en voor alles dat je hebt verricht ná 1 oktober, factureer je 21 procent.

  • Achteraf factureren

    Voor alle diensten/producten die je al in rekening hebt gebracht voor 1 oktober (denk aan een vooraf verstuurde jaarrekening), maar na 1 oktober hebt geleverd, mag je ook achteraf 2 procent extra btw factureren. Je kunt dit als extra kostenpost opnemen in je volgende jaarfactuur voor 2013. Deze btw neem je op in rubriek 1c van het aangifteformulier. Sinds 1 oktober 2012 moet je het algemene btw-tarief van 21 procent gewoon weer in rubriek 1a van het aangifteformulier aangeven. Dit is de rubriek waarin je tot 1 oktober 2012 het 19 procent btw-tarief moest aangeven.

  • Factureren doorlopende opdrachten

    Als de afrekening voor doorlopende prestaties betrekking heeft op een periode die eindigt na 30 september 2012, moet je de afrekenperiode splitsen. Voor het deel van de prestatie dat plaatsvindt vóór 1 oktober 2012 geldt het oude tarief van 19 procent en voor het deel van de prestatie dat plaatsvindt ná 30 september 2012 geldt het nieuwe tarief van 21 procent. Denk hierbij aan het verlenen van licenties, abonnementen op leveringen van bijvoorbeeld gas, elektriciteit en water en telecommunicatiediensten. Voor het deel van de (doorlopende) prestatie dat plaatsvindt ná 30 september 2012 moet je in principe een aanvullende factuur sturen met 21 procent btw. Als je ervoor kiest begin 2013 een 'jaarfactuur' te sturen over het jaar 2013, dan kun je ook daarop de extra verschuldigde btw over het laatste kwartaal van 2012 in rekening te brengen. Op deze factuur kun je de '2012 btw' vermelden als 'na gefactureerde btw 2012'. De extra verschuldigde btw moet je wel voldoen over het tijdvak oktober 2012.

Bronnen: CBW-MITEX, Ministerie van Financiën