Een op tien ondernemers haalt productie terug naar Nederland

Proces van reshoring is sterk in opkomst

29 november 2013

Een op de tien bedrijven in het mkb die in het buitenland produceren, haalt de fabrieken terug naar Nederland. De voornaamste redenen voor reshoring zijn gestegen loonkosten in het buitenland, productieverlies door miscommunicatie en hoge reiskosten.

Nog eens 5 procent overweegt de productie terug te halen naar Nederland, blijkt uit onderzoek van TNS Nipo in opdracht van Het Financieele Dagblad.

In Nederland worden de bedrijven met open armen ontvangen. Minister Lodewijk Asscher (Sociale Zaken) heeft 600 miljoen subsidie beschikbaar voor bedrijven die hun productie terug naar Nederland halen. Dankzij loonkostensubsidie kunnen bijvoorbeeld sociale werkplaatsen worden ingezet voor productiewerk.

Kwaliteit

Andere ondernemers keren terug omdat zij niet tevreden zijn over de kwaliteit van fabrieken in lagelonenlanden. Bovendien lopen de lonen in landen als China en India snel op en zijn de transportkosten hoog door de hoge olieprijs. Het is daarom niet meer altijd voordeliger om je producten te laten maken in een lagelonenland.

Eerder signaleerde ook ING dat veel bedrijven hun productie terughalen naar Nederland of in ieder geval naar Europa. Het gaat dan om bedrijfskritieke productieprocessen die bedrijven niet meer toevertrouwen aan Aziatische fabrieken. Redenen zijn dat de kwaliteit vam het geleverde werk vaak tegenvalt en dat productie in Europa door automatisering en de inzet van sociale werkplaatsen goedkoper is geworden.

Auteur

Marlou Visser