DGA geen belastingplichtige voor omzetbelasting

Beleid belastingdienst naar aanleiding uitspraak EG-Hof

15 december 2009

Op 18 oktober 2007 bepaalde het Hof van Justitie van de EG dat de directeur-werknemer, die enig bestuurder, aandeelhouder en werknemer van de BV is, zelf geen belastingplichtige is voor de BTW, de Motorrijtuigenbelasting en de BPM als hij in naam en voor rekening van de BV werkzaamheden verricht. Dit in antwoord op vragen van het Gerechtshof te Amsterdam. Op 21 december 2007 heeft de Staatssecretaris van Financiën zijn beleid naar aanleiding van dit arrest bekend gemaakt.

Geen terugwerkende kracht.

In de periode van 27 april 2002 tot 18 oktober 2007 behoudt de DGA ondernemer voor zijn werkzaamheden, die hij voor zijn eigen BV verricht, de status van fiscaal ondernemer. Het arrest van het EG-Hof heeft dus geen terugwerkende kracht.

BTW-gevolgen einde ondernemerschap

Vanaf 18 oktober 2007 is er een nieuwe situatie ontstaan. Vanaf die datum is de DGA over de vergoeding die hij ontvangt voor de door hem aan zijn vennootschap verrichte arbeidswerkzaamheden geen omzetbelasting meer verschuldigd. Daar staat tegenover dat hij vanaf die datum ook geen voorbelasting voor na die datum aan hem geleverde goederen en diensten meer in aftrek kan brengen.

Voor goederen waarop voorbelasting in het verleden in aftrek is gebracht zal zo nodig een herziening moeten plaatsvinden.

Verder gaat het Besluit van de Staatssecretaris nog in op de gevolgen van de verbreking van de fiscale eenheid, het privé gebruik van goederen door de DGA en een regeling met betrekking tot de bestelauto's met grijs kenteken die op naam van de DGA waren gesteld.

Bron: Staatscourant, 2 januari 2007, pag. 11