Het aantal zelfstandigen zonder personeel (zzp’ers) is in 2025 voor het eerst in jaren gedaald. Vooral onder jongeren is de afname fors. Dat blijkt uit nieuwe cijfers van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), gepubliceerd in het kader van de Landelijke Jeugdmonitor.

Duidelijke trendbreuk aanwezig
In 2025 hadden 86.000 jongeren van 15 tot 27 jaar een hoofdbaan als zzp’er. Dat zijn er 19.000 minder dan een jaar eerder, een daling van 18%. Onder 27-plussers nam het aantal zzp’ers eveneens af, maar minder sterk: met 4%. In totaal daalde het aantal zzp’ers met 62.000 tot 1,2 miljoen.
De ontwikkeling betekent een duidelijke trendbreuk. In de jaren 2020 tot en met 2024 nam het aantal jonge zzp’ers nog elk jaar toe of bleef het vrijwel stabiel. In 2025 sloeg die groei om in een scherpe krimp.
Minder jonge zzp’ers in zorg en welzijn
De daling onder jongeren is zichtbaar in vrijwel alle beroepsklassen. Alleen in transport en logistiek en in commerciële beroepen nam het aantal jonge zzp’ers toe.
De sterkste afname deed zich voor in zorg en welzijn. Daar waren in 2025 7.000 jonge zzp’ers actief, tegenover 12.000 een jaar eerder. Het gaat onder meer om verzorgenden, medisch praktijkassistenten, gespecialiseerd verpleegkundigen en maatschappelijk werkers. Ook in agrarische beroepen, zoals hoveniers en kwekers, was de relatieve daling groot: van 5.000 naar 2.000 jonge zelfstandigen.
In technische beroepen daalde het aantal jonge zzp’ers van 16.000 naar 14.000. In creatieve en taalkundige beroepen ging het om een afname van 13.000 naar 11.000. Binnen de dienstverlenende beroepen – waaronder bediening en barpersoneel – daalde het aantal van 12.000 naar 9.000.
Een deel van die terugloop hangt samen met jongeren die nog onderwijs volgen. In creatieve en dienstverlenende beroepen gaat het relatief vaak om studenten die naast hun studie als zelfstandige werken.
Onder 27-plussers was de daling het grootst in technische beroepen (-14.000), managersfuncties (-12.000) en zorg en welzijn (-10.000).
Strengere handhaving op schijnzelfstandigheid
Volgens het CBS past de daling bij het bredere beeld dat bedrijven in 2025 minder zzp’ers inhuurden. Sinds 2025 wordt strenger gehandhaafd op schijnzelfstandigheid: situaties waarin iemand als zzp’er wordt ingehuurd terwijl feitelijk sprake is van loondienst.
Die handhaving speelt met name in sectoren als zorg, bouw, techniek en platformdiensten. Werkgevers en opdrachtgevers zijn daardoor terughoudender geworden in het inzetten van zelfstandigen, zeker bij functies die sterk lijken op regulier dienstverband.
Voor ondernemers betekent dit dat het werken met zzp’ers meer aandacht vraagt voor contractvorm, gezagsverhouding en feitelijke invulling van het werk. De risico’s op naheffingen en correcties zijn toegenomen.
Meer jongeren in loondienst
Opvallend is dat het totaal aantal werkende jongeren in 2025 juist toenam. Zowel het aantal jongeren met een vast contract als met een flexibel dienstverband groeide ten opzichte van 2024.
Dat wijst erop dat een deel van de jongeren niet uit de arbeidsmarkt is verdwenen, maar is doorgestroomd naar loondienst. Voor werkgevers kan dit kansen bieden in een krappe arbeidsmarkt: jonge arbeidskrachten lijken vaker te kiezen voor de zekerheid van een dienstverband boven zelfstandig ondernemerschap.