Mkb'ers weten weinig over innovatie-subsidies

Ondernemers willen innoveren, maar kennen overheidsweg niet

18 januari 2013

Innovatie staat duidelijk ‘hoog’ op de agenda van Nederlandse mkb-bedrijven. Een ruime meerderheid (62%) beschouwt het als een belangrijk onderdeel van haar bedrijfsstrategie gedurende 2011.

Dat staat in het jaarlijkse International Business Report (IBR 2011) van accountants- en adviesorganisatie Grant Thornton. Dit lijkt goed nieuws voor de Nederlandse overheid, die Nederland als kenniseconomie promoot en daarvoor ook stimulerende maatregelen neemt. Fiscalist Geert de Jong van Grant Thornton tempert dat enhousiasme echter een beetje: 'De praktijk leert dat de werking en de fiscale aantrekkelijkheid van de innovatiebox (in 2010 door de overheid in het leven geroepen) nog te weinig bekend is. Behalve deze voordelige belastingregeling voor innovatieve bedrijven, kan ook de specifieke ‘loonkostensubsidie’ – de WBSO – waarmee een loonbelastingkorting kan worden verkregen voor aan innovatie bestede man-uren, nog veel vaker worden toegepast.'

Product- en procesinnovatie

Op de onderzoeksvraag waar de mkb’ers hun innovatiestrategie gedurende 2011 op richten, geeft 21% productinnovatie aan, 20% kiest procesinnovatie en ruim 58% richt zich op beide vormen. Eén procent had nog geen keuze gemaakt op het moment dat de vraag werd gesteld. Vorige maand nog kondigde minister Verhagen aan dat hij bovenop meer fiscale steun en administratieve lastenverlichting 17 miljoen euro extra beschikbaar stelt aan het mkb. Dit om de bedrijven te stimuleren meer samen te gaan werken als het gaat om nieuwe producten en processen.

Bezorgdheid over innovatiekracht BV Nederland

Hoewel de vooruitzichten positief lijken, uit fiscalist De Jong zijn zorgen over de innovatiekracht van BV Nederland. 'Wereldwijd staat Nederland op nummer 10 op de ranglijst van beste kenniseconomieën. Toch is er in het algemeen veel bezorgdheid over de innovatiekracht van BV Nederland en ons onderwijs. Uit het KIA FOTO-rapport van eerder dit jaar bleek bijvoorbeeld dat onze innovatiekracht zou achterblijven op alle fronten – van technologie tot marketing en organisatie, in de industrie en in de dienstensector – bij die van andere landen. Ook private onderzoeksinvesteringen schijnen achter te blijven en de Nederlandse overheid is volgens hetzelfde rapport geen topinvesteerder in onderwijs en onderzoek.'

Bron: GT