Kenniscentrum Rentederivaten scoort eerste punt voor mkb-ers

Column Patrick van Gerwen | Cadension

09 juli 2014

Wat is de stand van zaken in het rentederivaten-verhaal? Ons Kenniscentrum Rentederivaten heeft een eerste punt gescoord, want onze aanbevelingen zijn opgepakt. Maar we zijn er nog lang niet, nog steeds blijkt namelijk dat er ondernemers zijn die niet met hun klacht naar de bank durven te gaan.

In een eerdere column schreef ik al over het Kenniscentrum Rentederivaten (KCR) en de initiatieven die zij onderneemt om mkb-ers met rentederivaten te helpen. Een belangrijke stap daarin was het rapport van het KCR, als reactie op het rapport van de toezichthouder AFM. In die reactie stond niet alleen kritiek op het rapport van AFM, maar ook duidelijke aanvullingen die gebaseerd zijn op vele praktijksituaties van alle deelnemende advocaten en financieel specialisten, onder wie Cadension. 

Bovendien hebben we hele concrete aanbevelingen gegeven aan banken, politiek en de toezichthouder om mkb-ers lucht te geven om bestaande problemen op te lossen. Nog steeds blijkt namelijk dat er ondernemers zijn die niet met hun klacht naar de bank durven te gaan.

Aanbevelingen

Het gevaar van een rapport is dat het ergens onderin een lade belandt. Dat was bij het KCR-rapport duidelijk niet het geval. AFM nodigde ons uit voor een gesprek. Diverse politici hebben het rapport gebruikt ter voorbereiding op het debat over rentederivaten in de Tweede Kamer op 4 juni. En vlak vóór dat debat kondigde minister Dijsselbloem aan dat hij één van de aanbevelingen van het KCR opvolgt; een onafhankelijke instantie (het Kifid) waar ondernemers met klachten over rentederivaten terechtkunnen, de klacht wordt beoordeeld en een uitspraak wordt gedaan die bindend is voor de bank en de ondernemer. Dat is voor met name de kleinere ondernemers een veel toegankelijkere en goedkopere weg naar een oplossing dan een formele procedure via de rechter.

Afgedaan?

Dat is goed nieuws voor ondernemers en daarmee lijkt de zaak misschien afgedaan. Maar dat is zeker niet zo! Het Kifid en de banken moeten het eerst nog eens worden over de procedure en de banken moet aangeven dat ze uitspraken van het Kifid accepteren en uitvoeren. Het is goed opletten of in die onderhandeling belangrijke punten voor mkb-ers niet worden buitengesloten. Bovendien hebben de Nederlandse Vereniging van Banken, AFM, MKB Nederland en het Ministerie van Financiën al afgesproken dat er alléén gekeken wordt naar ondernemingen die als ‘niet-professionele belegger’ geclassificeerd worden. Terwijl er genoeg ondernemingen zijn die door de bank als  ‘professionele beleggers’ zijn genoteerd, terwijl ook zij vaak duidelijk onvoldoende deskundigheid van renteswaps hebben. Want deskundigheid van renteswaps is niet direct afhankelijk van bijvoorbeeld je jaaromzet. Die groep mkb-ers wordt in deze regeling dus onterecht buiten spel gezet. 

Daarnaast was een belangrijke aanbeveling van het KCR dat de banken gezamenlijk aankondigen dat zij bij ondernemers die klagen over hun rentederivaat, niet de financiering beëindigen, rente-opslagen verhogen of herfinancieringen in de waagschaal leggen. Alleen op die manier is er voldoende lucht voor de ondernemer om hun probleem met de bank te bespreken.

Eerste stap

Een eerste stap is dus gezet, maar er moeten er nog vele volgen. Wacht deze ontwikkelingen niet af als je problemen ervaart met een rentederivaat, want dit kan nog lang duren. Schakel een financieel specialist of gespecialiseerde advocaat in om in jouw specifieke geval naar een oplossing te zoeken. Soms kun je tegen een vast bedrag (ter indicatie bij Cadension is dit 245 euro) een eerste screening van je situatie laten maken. Dat geeft je een eerste indruk of je de bank terecht kunt aanspreken.

Luister ook naar het interview met Patrick van Gerwen in het MKB RadioCafe

Auteur

Patrick van Gerwen