Voor het eerst in Nederland verdienen vrouwelijke zzp’ers gemiddeld meer per uur dan hun mannelijke collega’s. Hun uurtarief ligt 3,2% hoger dan dat van mannen. Dat blijkt uit de nieuwste Talent Monitor van HeadFirst Group en Intelligence Group.

Inhoud:
Historisch kantelpunt
Het gaat om een historisch kantelpunt: niet eerder lag het gemiddelde uurtarief van vrouwelijke zelfstandigen hoger dan dat van mannen. Tegelijkertijd laten cijfers zien dat gelijk loon voor gelijk werk nog niet overal de realiteit is – vooral aan de top en in technische functies blijft de loonkloof hardnekkig.
Snellere inkomensgroei bij vrouwelijke zzp’ers
Volgens de Talent Monitor groeit het inkomen van vrouwelijke zelfstandigen al jaren sneller dan dat van mannen. Sinds 2007 bedraagt de gemiddelde jaarlijkse inkomensgroei van vrouwelijke zzp’ers 4,1%, tegenover 2% bij mannelijke zelfstandigen. Daarmee is de inkomensgroei van vrouwen sinds dat jaar meer dan twee keer zo hoog.
Die ontwikkeling heeft de afgelopen jaren een duidelijke versnelling doorgemaakt. Vooral sinds 2020 zijn de tarieven van vrouwelijke zzp’ers sterker gestegen. Volgens de onderzoekers is dat onder meer te verklaren door meer tarieftransparantie, een betere onderhandelingspositie en een toename van vrouwen in senior- en specialistische rollen met hogere uurtarieven.
Structureel omslagpunt
De stijging is volgens Intelligence Group geen toeval of momentopname, maar het resultaat van een structurele trend. Factoren als thuiswerken, krapte op de arbeidsmarkt en een bredere aandacht voor gelijke beloning hebben volgens de onderzoekers bijgedragen aan het bereiken van dit omslagpunt.
Ook HeadFirst Group spreekt van een historisch moment: voor het eerst verdienen vrouwelijke professionals gemiddeld meer per uur dan hun mannelijke collega’s. De verwachting is dat deze ontwikkeling zich de komende jaren verder doorzet.
Loonkloofonderzoek: verschil bij gelijk werk kleiner, maar niet weg
Dat positieve beeld bij zelfstandigen betekent echter niet dat de loonkloof in loondienst is verdwenen. Uit onderzoek van MKB Servicedesk en Van Spaendonck Groep, dat in november vorig jaar werd gepubliceerd, blijkt dat het loonverschil bij gelijk werk in het mkb is gedaald naar 1,31%.
Die zogenoemde gecorrigeerde loonkloof blijft over nadat factoren als leeftijd, functie, ervaring en parttime werken zijn meegenomen. Bij de jongste generatie op de werkvloer is het verschil zelfs vrijwel verdwenen.
Tegelijkertijd verdienen mannen in het mkb gemiddeld nog altijd meer dan vrouwen. Het mediaan salaris van mannen bedraagt € 3.623 bruto per maand, tegenover € 3.280 voor vrouwen. Dat verschil van 12,09% wordt grotendeels verklaard door het feit dat vrouwen vaker parttime werken en relatief vaker actief zijn in lager betaalde beroepen.
Grote verschillen achter het gemiddelde
Achter het lage gemiddelde gaan nog altijd grote verschillen schuil. In 52 van de 100 meest voorkomende functies in het mkb is geen loonverschil tussen mannen en vrouwen. Daartegenover staan 40 functies waarin mannen meer verdienen en 8 functies waarin vrouwen juist een hoger salaris ontvangen.
Vooral in leidinggevende en technische functies blijft de loonkloof groot. Zo verdienen vrouwelijke directeuren gemiddeld 15,2% minder dan mannelijke directeuren en is slechts 26% van de directeuren vrouw. In functies als projectleider, projectmanager en monteur lopen de verschillen op tot bijna 25% in het nadeel van vrouwen.
Jongeren gelijk, oudere generaties niet
Hoe ouder de werknemer, hoe groter de loonkloof. Bij Gen Z (18-28 jaar) is het verschil vrijwel nihil, terwijl dit bij Baby Boomers (61-67 jaar) oploopt tot 3,45%. Die kloof kan deels zijn ontstaan door historische verschillen in startsalarissen en doorgroeikansen, die later niet meer zijn ingehaald.
Cao’s beperken ongelijkheid
Een opvallend patroon in het onderzoek van MKB Servicedesk en Van Spaendonck Groep is het effect van cao’s. Sectoren met een cao kennen over het algemeen kleinere en stabielere loonverschillen dan sectoren zonder cao. Door vaste salarisschalen en duidelijke functiewaardering is er minder ruimte voor willekeur in beloning.
Contrast tussen zzp en loondienst
De cijfers laten een duidelijk contrast zien. Waar vrouwelijke zzp’ers inmiddels een tariefvoordeel hebben opgebouwd, is gelijk loon voor gelijk werk nog geen vanzelfsprekendheid. Vooral aan de top, in technische beroepen en bij oudere leeftijdsgroepen blijft de loonkloof bestaan.
Met de aankomende wetgeving rond loontransparantie – die vanaf 2027 geldt voor grotere werkgevers – wordt het voor mkb-ondernemers steeds belangrijker om hun beloningsbeleid kritisch tegen het licht te houden. De data laat zien dat transparantie en structuur niet alleen verschillen verkleinen, maar ook bijdragen aan een eerlijker en toekomstbestendig arbeidsmarktbeleid.


