Russisch boycot: werktijdverkorting of reorganisatie?

Judith Langeveld: 'Overheid moet meewerken'

25 augustus 2014

Het Russische importverbod treft veel Nederlandse bedrijven: telers, productiebedrijven, maar ook handelsbedrijven en transportbedrijven. In een aantal gevallen zijn (ingrijpende) maatregelen nodig, want het importverbod zal tenminste een jaar duren. Ondernemers zullen moeten snijden in de organisatiekosten als de omzet (gedeeltelijk) wegvalt. Welke mogelijkheden heb je als ondernemer?

E-book Eerste hulp bij juridische zaken

A. Werktijdverkorting

De eerste optie is werktijdverkorting. Werknemers hoeven dan minder te werken en in ruil daarvoor komen ze in aanmerking voor een gedeeltelijke WW-uitkering. Hiervoor heb je een vergunning van het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid nodig. De eisen zijn:

  • Er is sprake van een buitengewone omstandigheid die niet onder het normale ondernemersrisico valt

  • Tenminste 20% van het personeel kan twee weken niet worden ingezet

Werktijdverkorting geldt voor maximaal 24 weken en kan steeds met 24 weken worden verlengd. 

B. Reorganisatie en ontslag

Bedrijfseconomisch ontslag in 10 stappen:

1. Beschrijf de noodzaak en omvang van de reorganisatie

2. Overleg met vakbonden

3. Stel een Sociaal Plan op

4. Bepaal de bedrijfsvestiging volgens de beleidsregels van UWV WERKbedrijf

5. Deel functies in in functiegroepen

6. Bepaal de ontslagvolgorde op basis van het afspiegelingsbeginsel

7. Beëindig eerst contracten met tijdelijk en flexibel personeel en AOW-ers

8. Vraag ontslagvergunningen aan bij UWV WERKbedrijf. Na schriftelijke toestemming kun je de 

dienstverbanden schriftelijk opzeggen

9. Verzoek de kantonrechter om ontbinding van de arbeidsovereenkomst met zieke 

werknemers, werknemers met zwangerschaps- of bevallingsverlof of OR-leden

10. Blijf goed communiceren tijdens het hele traject 

Meewerken van UWV en ministerie

Wat de sectoren nu overkomt, heeft niets te maken met normaal ondernemersrisico. Van de ene op de andere dag klopt het businessmodel niet meer. Daarom moeten ondernemers hun bedrijfsvoering aanpassen en dat betekent: andere afzetkanalen en -markten vinden of overschakelen naar andere producten.

Ondernemers moeten genoeg tijd krijgen om hun plannen bij te stellen. Ze moeten de organisatiekosten snel kunnen drukken en daar moet de overheid bij helpen. Het UWV moet royaal en snel meewerken om het personeelsbestand af te stemmen op de nieuwe marktsituatie. Daarnaast moet het ministerie ruimhartig vergunningen voor werktijdverkorting verlenen. Die maatregel kan bedrijven helpen om deze zware tijd door te komen, zonder dat dit tot banenverlies hoeft te leiden.

Auteur

Judith Langeveld