Kooplui van textielkramen hebben het zwaar

Aanbodoverschot en opkomst online shoppen nekt markthandelaren

06 mei 2009

"Drie paar sokken voor 6 euro," schreeuwt de een. "Bij mij krijg je ze voor een eurootje minder," doet de ander. Wanhopig proberen marktlieden van textielkramen hun producten kwijt te raken aan klanten, maar tevergeefs.

Uit een artikel van het AD blijkt dat textielhandelaren het steeds moeilijker hebben. Waar kraamhouders met eetbare producten nog goede zaken doen, hebben de handelaren van kledingstukken en schoenen het zwaar.

Jeske Hakse (24) laat zien wat er in haar boodschappentas zit: Aardbeien, sla, asperges, olijven. Allemaal gehaald bij de zaterdagmarkt. Voor verse producten komt de studente er graag. ,,Hartstikke lekker, en niet al te duur.’’ Schoenen, sieraden of bijvoorbeeld potten en pannen, daar haalt ze haar neus voor op. ,,Die koop ik liever in een gewone winkel.’’

De meeste bezoekers op de Utrechtse Vredenburg lijken het met Hakse eens; ze staan in flinke rijen bij de kramen met Marokkaanse specialiteiten of vis van ‘ouderwetse ’ Hollandse kwaliteit.

Huishoudelijke apparaten

Een stuk minder in trek zijn de kooplieden met kleding en huishoudelijke producten. Deze verkopers, veruit de grootste groep op de markt, hebben tijd genoeg om een praatje met elkaar aan te knopen; er komt soms een half uur niemand langs.

Voor Henk Achterhuis van de Centrale Vereniging voor de Ambulante Handel (CVAH) is het een herkenbaar beeld. ,,Veel handelaren hebben het zwaar,’’ vertelt hij. Ze lijden onder de recessie.Hè? Je zou toch denken dat de consument die op de kleintjes let, zeker in deze barre economische tijd de markt opzoekt. Juist dáár krijg je toch waar voor je geld? Die redenering blijkt niet altijd meer op te gaan.

Veel dezelfde spullen,,Het probleem,’’ zegt Achterhuis, ,,is dat er te veel kooplui met dezelfde spullen zijn.’’ Er is vooral een overschot aan verkopers met schoenen en textiel. ,,Ze staan met tien kramen naast elkaar zwembroeken te verkopen.’’ Of ze nou uit Oude Pekela of Pakistan komen, alle kooplieden zijn hem even lief, onderstreept Achterhuis. In de praktijk gaat het vaak om allochtone ondernemers, die sterk in aantal groeien. ,,Gemeenten zijn blij dat ze hen uit de kaartenbak met werklozen kunnen halen. Zodra er een hoekje vrijkomt wordt gezegd: ‘ga daar maar staan’.’’

Of iemand een product heeft waar nog behoefte aan is, daar wordt volgens Achterhuis meestal niet over nagedacht. ,,Als de straat om drie uur ’smiddags maar weer schoon is.’’ De voorzitter van de branchevereniging wil niemand aan de schandpaal nagelen. ,,Maar de slechte voorbeelden vind je overal in de Randstad.’’

Veel markten raken dan ook eerder klanten kwijt dan dat ze er klanten bij krijgen, zegt directeur Huib Lubbers van adviesbureau Retail Management Center. Aan de supermarkten bijvoorbeeld. ,,Die verkopen steeds meer non-food, van steeds betere kwaliteit.’’ Neem de aanbiedingen waarvoor je bij Lidl vanaf deze week terecht kan: Drie herenslips voor 3,99 euro, een push-up bh voor 5 euro en drie paar damessokken voor 1,99 euro. Aldi blijft niet achter: daar is een windjack te koop van 12,49 euro. Huib Lubbers: ,,De markt heeft daar last van.’’

Online shoppen

Een andere bedreiging is de sterke opkomst van winkelen via internet. ,,Als meer mensen vanachter hun computer boodschappen doen, gaan er minder naar de binnenstad,’’ weet Lubbers. Dat betekent onvermijdelijk dat er ook minder mensen even langswippen bij de markt.

Henk Achterhuis, die zelf bijna dertig jaar lang vis verkocht op de markt in Enschede, heeft niettemin goede hoop op betere tijden. Een binnenstad met alleen maar Blokkers en HEMA’s is ook niet alles, snappen steeds meer gemeentebesturen; een gezellige markt maakt het centrum een stuk levendiger.

,,Een flink aantal steden, waaronder Amsterdam en Utrecht, gaat eindelijk met ons om de tafel zitten. Van A tot Z bekijken we wat kan worden verbeterd. Wat is de beste locatie, de beste marktdag en -tijd, hoe kun je kramen optimaal indelen. Zet een plein niet lukraak vol, maar zeg: we willen zoveel kramen met vers, zoveel met zwembroeken, en zoveel met schoenen.’’ Het klinkt vanzelfsprekend, maar het gebeurt in veel steden nog niet. ,,Er valt nog een wereld te winnen.’’

Bron: AD

Wat denk jij? Is het einde van de textielkramen op de markt in zicht? Wat moeten de kraamhouders doen om hun plek op de markt te behouden?