Nationale Winkelraad: zondagsopening regelen met winkeliers

Afschaffing toerismebepaling in Winkeltijdenwet

25 januari 2010

De Nationale Winkelraad van MKB-Nederland pleit voor het afschaffen van de toerismebepaling uit de Winkeltijdenwet nu de huidige praktijk van decentrale besluitvorming verder wordt geformaliseerd. Dit zegt ze in een reactie op een concept-wetswijziging die het ministerie van EZ ter consultatie heeft rondgestuurd. Niet ‘substantieel toerisme’ maar ‘substantieel lokaal draagvlak’ onder de plaatselijke winkeliers, consumenten en bewoners van binnensteden zou juist centraal moeten staan.

Een groeiend aantal gemeenten gebruikt op een oneigenlijke manier de bepaling over toerisme om zelf het aantal koopzondagen te verruimen. Dit veroorzaakt een oneigenlijk speelveld voor ondernemers in de detailhandel. Wat toerisme is, is namelijk niet in de wet gedefinieerd. Hierdoor is een breed scala aan zondagsopeningen ontstaan: 52 in Amsterdam, Rotterdam, Den Haag en Almere, 12 in Utrecht, 15 in Roosendaal maar 52 in het Outlet Centre, 21 in Maastricht, enzovoorts.

Het kabinet is voornemens om de wet zodanig aan te passen dat voortaan gemeenten beslissen of verruiming van het bestaande aantal van 12 zondagen zou mogen. Daarbij moeten ze wel eerst aantonen dat er sprake is van ‘substantieel toerisme’ (exclusief de aantrekkingskracht van de winkelgebieden). De lokale overheid moet verder in een openbaar rapport een afweging maken tussen economisch belang en werkgelegenheid versus zondagsrust en leefbaarheid, vitaliteit en veiligheid. En verder wordt een beroepsmogelijkheid ingesteld bij het College van Beroep van het bedrijfsleven. De minister laat het daarbij aan de gemeenteraden zelf over om te bepalen wat ‘substantieel toerisme’ is.

De Nationale Winkelraad wil daarom af van de toerismebepaling. De wetswijziging lost de bestaande praktijk niet op en werpt alleen maar administratieve drempels op voor gemeenten. Een ‘substantieel lokaal draagvlak’ onder winkeliers, consumenten en binnenstadsbewoners kan zorgen voor verruiming, indien noodzakelijk en gewenst. Zij zijn de belanghebbende partijen. Hun belangen moeten open en transparant worden afgewogen. Zij moeten het daarom in meerderheid eens worden over het aantal zondagsopeningen. Hiermee bereik je in ieder geval lokaal / regionaal een zo gelijk mogelijk speelveld voor alle ondernemers in de detailhandel, duidelijkheid voor consumenten en een minimum aan administratieve lasten.

De verwachting is dat het slechts in enkele grote gemeenten haalbaar zal zijn om elke zondag open te zijn, in een beperkte groep zal het wellicht meer dan twaalf worden, maar voor de meerderheid van de gemeenten blijft het zoals het nu is: twaalf koopzondagen per jaar, of minder of zelfs geen. Meer dan tweederde van alle gemeenten in Nederland komt op dit moment prima uit met twaalf zondagen of minder. Half geopende winkelgebieden doen afbreuk aan het bijzondere van een zondagsopening en aan het gevoel van gastvrijheid en veiligheid.